A Travellerspoint blog

Sucre

4 december t/m 6 december

sunny 23 °C

Het is slecht weer op de dag dat we vanuit La Paz naar Sucre willen vliegen. Er ligt sneeuw langs de kant van de weg, en veel modder en stenen op de weg. Desondanks is er bij het inchecken geen vuiltje aan de lucht, en vertrekken we op tijd met onze Aerosur vlucht.

Sucre ligt op 2800 meter hoogte, omringd door een berglandschap. Het is er prachtig weer; we laten de regen blijkbaar even achter ons. Sucre is de officiële hoofdstad van Bolivia, hoewel de bestuurlijke en economische macht al jarenlang in La Paz te vinden is. Sucre is een vrijwel volledig witte stad en het lijkt de afgelopen vierhonderd jaar te hebben stilgestaan. Alle koloniale gebouwen en (tientallen) kerken staan er bij alsof we terug in de tijd zijn gegaan naar het jaar 1600. Het is er erg mooi, en zelfs nog fraaier dan Cuzco.

Onze eerste ´excursie´ is naar Cal Orcko, een paar kilometre buiten de stad. Het is de grootste (of één na grootste, maar daar zijn de meningen over verdeeld) vindplaats van sporen van dinosauriërs. Op de bodem van een meer zijn 130 miljoen jaar geleden de sporen van de dinosauriërs versteend geraakt. Na diverse bewegingen van de aarde en graafwerkzaamheden door een cementfabriek, is de bodem inmiddels te zien als verticale muur van 2 kilometer lang en 40 meter hoog. Vanaf een in augustus geopend dinosauriërs pretparkje bekijken we de muur die een paar honderd meter voor ons ligt. We zien met verrekijkers en zelfs met het blote oog diverse voetstappen op de muur staan, blijkbaar van dinosauriërs. In het pretparkje staan modellen van de giganten die ooit bij betreffende voetstappen hoorden. Met wat fantasie beelden we ons in hoe het er hier 130 miljoen jaar geleden uit moet hebben gezien.

In de middag bezoeken we het Recoletaklooster, waar we onze aandacht er niet altijd bij kunnen houden als we weer een lijdende Jezus of Maria met kind zien. Het klooster is wel mooi, met diverse patio´s en een cederboom, die vierhonderd jaar oud is en inmiddels zels een officieel nationaal monument is. Het uitzicht vanaf het plein voor het klooster is adembenemend. We nemen een paar heerlijke bananenshakes en fuitjuices, en zien wat lager de wite stad liggen, met de tientallen kerktorens en andere koloniale gebouwen, als ons uitzicht niet belemmerd wordt door kolibri´s die druk in de weer zijn met de honderden bloemen aan de rand van het terras.

De volgende dag maken we weer een cultureel rondje, deze keer langs het universiteitsmuseum (met een aantal lijdende Jezussen en Maria´s met kind), en de kathedraal met daarin (naast een aantal lijdende Jezussen en Maria´s met kind) een beeld van Nuestra Senora de Guadalupe, waarvan de jurk is bekleed met maar liefst twaalfduizend parels. Een schril contrast met de schoenpoetsers van gemiddeld zeven jaar oud op het plein voor de kathedraal, die allemaal voor 1 boliviano (10 eurocent) onze schoenen willen poetsen (en dat na een halfuur doorvragen inderdaad mogen doen).

In de middag bezoeken we het interessante en mooie Casa de La Libertad, waar een soort oud parlement te vinden is, en waar we diverse schilderijen en documenten zien aangaande de Boliviaanse onafhankelijkheid (in 1825).

Sucre is echt de witte stad.
Sucre_1.jpg
Sucre_2.jpg
Sucre_3.jpg
Sucre_4.jpg

Er kwamen steeds meer schoenenpoetsers, van alle leeftijden
Sucre_5.jpg

De begraafplaats van Sucre
Sucre_7.jpg

Het terras van het prachtige uitzicht en de heerlijk shakes.
Sucre_6.jpg

Posted by capibara 18:00 Archived in Bolivia Tagged tourist_sites Comments (0)

Tiwanaku

3 december

all seasons in one day 15 °C

Met de taxi rijden we naar het busstation van El Cementario, waar de bus naar Tiwanaku zou moeten vertrekken. We krijgen te horen dat er op zondag alleen vanuit El Alto (de hoogste wijk van La Paz) minibusjes naar Tiwanaku gaan, dus vragen we de taxichauffeur om ons nog een stukje verder te rijden. In El Alto is het erg drug, maar zijn we de enige toeristen. Van de taxichauffeur krijgen we te horen dat we maar beter extra voorzichtig kunnen zijn, wat we zeker zullen overwegen. Na een zoektocht naar de juiste minibus, vinden we er uiteindelijk eentje die ons in een uur naar de gewenste bestemming brengt.

Tiwanaku is de grootste archeologische vindplaats van Bolivia, aan de oever van het Titicacameer. Het Tiwanaku volk leefde van 1500 voor Christus tot 1200 na Christus, toen de Inca´s het heft in handen namen. De oude stad bestaat uit een deels opgegraven piramide waar geofferd werd en waar diverse tempels stonden. Naast de piramide ligt een grote vesting, met daarin de (bekende) poort van de Zon, de poort van de Maan, en diverse monolieten (grote stenen beelden). De vindplaats is erg boeiend, ondanks de plensbui die over ons heen krijgen.

In het huidige dorpje Tiwanaku bewonderen we de barokke kerk die is gebouwd met stenen die de Spanjaarden uit de oude stad hebben weggehaald. Bovendien bewonderen we de inwoners van het dorpje, de vrouwen allemaal fleurig gekleed in bonte jurken, afgemaakt met een bolhoed.

tiahuana_1.jpg
tiahuana_2.jpg
tiahuana_3.jpg
tiahuana_4.jpg
tiahuana_5.jpg

Het huidige Tiwanaku
tiahuana_6.jpg

Posted by capibara 18:26 Archived in Bolivia Tagged tourist_sites Comments (0)

La Paz

1 december t/m 2 december

all seasons in one day 15 °C

Met een lokale bus rijden we van Copacabana naar La Paz. Halverwege moeten we de bus uit, voor een oversteek over het Titicacameer. De bus heeft zijn eigen boot.

La Paz is de hoogstgelegen (officieuze) hoofdstad ter wereld, met 2 miljoen inwoners die wonen tussen de 3600 en 4000 meter hoogte. Wij bereiken de stad vanaf de hoogvlakte, de Altiplano, en rijden eerst door de hoogstgelegen woonwijk El Alto waar de arme indianenbevolking woont. Vanaf El Alto zien we het centrum van La Paz liggen, ver beneden ons in de canyon. Aan de horizon hoge witte bergen. De stad ligt prachtig.

Hartje centrum vinden we ons hotel. Direct voelt La Paz als de leukste hoofdstad van Zuid-Amerika totnogtoe. Het krioelt van de mensen, het hele centrum is een grote marktplaats, en er rijden geen personenwagens. Er rijdt echter wel veel verkeer; honderden minibusjes, tientallen ouderwetse felblauwe en gifgroene grote bussen, en ontelbare taxi´s. Het is dus gezellig druk in de stad. De verkopers op de markt zijn Aymara´s, de lokale indianen, waarvan de vrouwen mooie jurken en een bolhoed dragen.

In de middag bezoeken we en mooie koloniale wijk, waar we zes musea in drie uur bezoeken. Het zijn kleine maar leerzame musea, met carnvalsmaskers, muziekinstrumenten en informatie over de salpeteroorlog uit 1869 (of daaromtrent).

Het laatste museum is het cocamuseum, waar we uitgebreid inzicht krijgen in het belang en de geschiedenis van de cocaplant. De cocabladeren werden al duizenden jaren voor Christus gekauwd, en inmiddels is wetenschappelijk aangetoond dat de bladeren mensen meer energie geven en het hongergevoel wegnemen. De mijnwerkers uit Potosi waren (en zijn) notoire cocakauwers.

Coca bestaat uit 14 stoffen, waarvan cocaïne de bekendste is. Tientallen kilo´s van de cocabladeren worden door middel van kerosine en andere chemische middelen geconcentreerd tot de witte kristallen die men her en der neusaal inneemt.

´s Avonds eten we in Peña Huari, een soort Boliviaanse dinershow met traditionele dansen (c.q. volksdansen).

De volgende dag staan we rond half tien op het vliegveld van La Paz, voor onze verschoven vlucht naar de jungle. Er blijken echter problemen met de vlucht. Om tien uur krijgen we te horen dat we om elf uur meer informatie krijgen, waarna we om elf uur horen dat we om twaalf uur meer informatie krijgen, waarna we om twaalf uur horen dat we om één uur meer informatie krijgen, waarna we om één uur horen dat we om twee uur meer informatie krijgen, waarna we om half drie horen dat de vlucht is afgelast door het slechte weer in de jungle.

We hakken snel de knoop door, laten ons niet op de lijst voor de vlucht van de dag later zetten, en gaan niet voor driemaal is scheepsrecht; de jungle laten we voor wat hij (m/v) is, hoe jammer het ook is, omdat in Bolivia de jungle het fraaist is van geheel Zuid-Amerika. Bovendien slikken we al vier dagen onnodig malariapillen. Met zo´n 100 dollar administratiekosten krijgen we uiteindelijk wel ons geld terug van de vlucht en gereserveerde jungle lodge. Bovendien hebben we ineens vier dagen over in ons schema, dat ons rond kerst naar Paaseiland moet brengen.

We gebruiken de extra tijd in La Paz voor een bezoekje aan het Tiwanaku museum waar we keramiek en beelden zien uit Tiwanaku, de oude pre-inca stad, op 70 kilometer afstand van La Paz, die we morgen gaan bezoeken.

LP_1.JPG

LP_2.JPG

LP_3.JPG

Posted by capibara 05:08 Archived in Bolivia Tagged tourist_sites Comments (0)

Copacabana (de kennismaking met Bolivia)

29 en 30 november

all seasons in one day 9 °C

We reizen met de bus van Puna in Peru naar Copacabana in Bolivia. Althans dat denken we als we ons melden op het busstation van Puno. Bolivia staat bekend om de vele stakingen, en tijdens onze eerste (aanstaande) kennismaking met Bolivia, vallen we met de neus in de Andes boter. Er wordt namelijk vandaag voor minstens 24 ur gestaakt aan de Bolivaanse kant, en de buschauffeur wil ons wel bij de grens afzetten, maar daarvandaan is het nog 7 kilometer wandelen. We nemen de gok, en met een groepje van tien lotgenoten verlaten we de bus bij de grens. We ondergaan de zeer soepele grensformaliteiten, en staan ineens in Bolivia, waar we ons instellen op een lange wandeling. We zetten ons schrap.

Gelukkig wordt de Boliviaanse soep ook niet zo heet gegeten, en staat er een scharminkelig minibusje bij de grens, met niet alle ruiten op de juiste plek, maar wel met een chauffeur die ons best naar Copacabana wil brengen. Uiteindelijk gaat de tocht heel soepel en bereiken we het kleine Boliviaanse badplaatsje aan de oevers van het Titicacameer.

We dumpen onze tassen in het hotel waar we morgen zullen slapen, en gaan met elk een schone onderbroek en toilettas, met een bootje naar Isla de Sol waar we de komende nacht zullen slapen. Isla del Sol is het grootste eiland in het meer, en is de bakermat van de legende over het ontstaan van het Incavolk (en wat volkeren ervoor). Rond het eiland zijn namelijk ooit de Adam en Eva van de indianen uit het Titicacameer het eiland opgekropen.

Het uitzicht vanaf het terras van ons simpele hotelletje is magnifiek. We overzien een gedeelte van het meer, en zien in de verte Peru liggen. Tijdens een korte en ijskoude avondwandeling zien we aan de andere kant tientallen besneeuwde bergtoppen van de Boliviaanse Andes.

Tijdens de avondwandeling ontmoeten we ook nog een hippie uit Brazilië, die vraagt of we interesse hebben in Mary Jane. Mary Jane? Na vier keer vragen snappen we dat hij marihuana bedoelt, en lopen we door. Bolivia is nogal in trek bij hippies, die geraakt lijken te worden door een bepaalde spiritualiteit, waar wij alleen maar een gure wind voelen.

We slapen een nacht op Isla del Sol, om extra tijd te hebben voor een wandeling over het eiland. Als we wakker worden regent het echter behoorlijk hard. Na wat getwijfel en gehuld in windstoppers, regenjasjes én regenponcho´s maken we toch nog een aardige wandeling over het eiland, langs een aantal archeologische zaken, zoals de Tempel van de Zon. Het valt tijdens de wandeling op dat de Boliviaanse indianen niet erg enthousiast worden als er een foto van ze wordt gemaakt, wat in Ecuador en Peru niet zo moeilijk was.

Aan het eind van de middag nemen we de boot terug naar Copacabana, waar we ondervinden dat het stadje niet de hele dag electriciteit heeft. We eten bij kaarslicht.

Als er na acht uur weer stroom is, checken we onze mail, en hebben we een ´important´ bericht over onze vlucht van de dag later, die ons vanuit La Paz naar de jungle moet brengen; de vlucht is gecanceld, want er wordt gestaakt…

Terug in het hotel treffen we de receptionist en een paar van zijn vriendjes redelijk aangeschoten aan.

We douchen koud, voor het eerst deze reis.

De tempel van de zon op Isla del Sol:

copa_2.JPG

Samen op de foto voor de Maagd van Copacabana (waardoor het stadje een bedevaartsoord is):

copa_3.JPG

De pont tijdens de overtocht naar La Paz:

copa_1.JPG

Posted by capibara 16:33 Archived in Bolivia Tagged tourist_sites Comments (0)

Titicacameer Peru

27 en 28 november 2006

semi-overcast 15 °C

We zijn met de bus van Cusco naar Puno gegaan. Een rit van ongeveer 6,5 uur continue op een hoogte van ongeveer 4000 meter. Onderweg hadden we prachtige vergezichten, o.a. op met sneeuw bedekte bergpieken. Het was dus een prachtige rit. Ondanks dat deze dag, maar vooral voorgaande nacht, mijn buik van streek was, kon ik toch ook van deze rit genieten. Wel was het onderweg nog even schrikken. De chauffeur zag twee jongetjes op de fiets over het hoofd. Hij week te laat uit en raakte één van de jongens. Gelukkig hadden beide jongens helemaal niets en kwamen we allemaal met de schrik vrij. De uiteindelijke uitwijkactie van de chauffeur was nl best heftig. De chauffeur had er gelukkig wel van geleerd en reed vervolgens heerlijk rustig naar Puno.

Net voor Puno kregen we een mooi uitzicht op het Titicaca meer. Het was een zonnige dag, waardoor we ook hier weer een mooi uitzicht hadden. Puno zelf zag er in eerste instantie bepaald niet aantrekkelijk uit. Het was een grauwe stad met veel huizen die niet afgebouwd waren.

Op het busstation merkten we dat het buiten erg warm was. Dat is opmerkelijk als je bedenkt dat je nog steeds op 3800 meter bent.

Het centrum van Puno viel gelukkig erg mee. Er was een leuk plein met een kerk en er was een gezellige winkelstraat met veel restaurantjes en reisbureaus. Wij gebruiken ons hotel als reisbureau en boeken voor de volgende dag een boottocht naar de Uros eilanden en het eiland Taquile. Volgens afspraak worden we de volgende dag om 6:45 uur opgehaald en om 7:00 uur stappen we aan boord van onze rondvaartboot. Er zitten ongeveer 20 toeristen op de boot en een gids. Na ongeveer een half uur varen zijn we bij de Uros eilanden. De gids voorziet ons van veel en duidelijke informatie; hij spreekt goed Engels. Het eerste dat we leren is de betekenis van Titicaca. Titi is poema en caca is grijs; het Titicaca meer is dus het meer van de grijze poema. Als je het meer vanuit de lucht bekijkt (de gids laat een satelietfoto zien), dan zie je de figuur van een poema en van een konijn. Wat we al wisten, maar wat de gids ons toch nog een paar keer verteld is dat het Titicacameer het hoogst bevaarbare meer ter wereld is, 180 kilometer lang, 60 breed.

De Uros eilanden zijn ongeveer 50 rieteilandjes die dicht bij elkaar in het Titicacameer liggen. Op elk eiland staan ongeveer 8 tot 20 rieten huisjes waar de Uros mensen wonen. Het lijkt allemaal erg toeristisch en het geeft een beetje een Efteling gevoel. Toch is dat niet terecht, de mensen wonen nl echt op deze manier en dat doen ze al jaren. Het verschil met vroeger is echter dat ze nu wel min of meer leven van de toeristen, maar niet vóór de toeristen, wat onze gids ons benadrukt. Het Uros volk wil een traditie in stand houden en daarom blijven ze op dezelfde manier leven. Nu maken ze echter veel handwerk dat ze verkopen aan toeristen en daarmee verdienen ze hun geld.

We meren aan bij een van de eilanden waar we aan ´wal´ mogen. Het voelt vreemd om op een eiland van alleen riet te lopen. Het is zelfs zo dat het eiland vastligt met een soort van anker (oftewel dikke kei). Als ze willen kunnen ze het eenvoudig verplaatsen. Dat geldt overigens ook voor de rieten huizen. Die zijn erg licht en eenvoudig te verplaatsen. Best handig als je je buren zat bent. Een douche en een wc hebben de mensen niet. Het meer dient als toilet en vervolgens wordt het water uit het meer ook gebruikt als douche, als was-´machine´, drinkwater, etc. Het riet wordt ook gegeten, we mogen zelfs een stukje proeven. We krijgen ook koekjes, we nemen aan dat die ook van riet zijn gemaakt. Tenslotte heeft elk eiland ook nog een mooie rieten boot. Op die boot worden wij, door 2 echte Uros vrouwen, naar een volgend Uros eiland gepeddeld. Ook hier kunnen we een kijkje nemen in het leven van de Uros mens. Overigens, de Uros kinderen hebben ook een Uros school op één van de Uros eilanden. Voor de middelbare school moeten ze naar Puno. Uiteindelijk is het toch wel een bezoek waar we van onder de indruk zijn. Het is bijzonder dat mensen zo leven op een meer waar het toch ook best heel koud kan zijn.

Na ons bezoek aan de Uros eilanden gaan we naar Taquile eiland. Dit is het op één na grootste eiland in het Titicaca meer en dit is een ´normaal´ eiland. Het dorp ligt op een heuvel, we moeten dus een stukje klimmen. Dat valt niet mee op deze hoogte. In het dorp is een mooi Plaza de Armas. De mensen die hier wonen en rondlopen, zijn bijzonder gekleed. De traditionele mannen dragen bijvoorbeeld een muts met een mooie gekleurde pompoen. Aan de kleur van de muts en de dikte van de pompoen kun je zien of de man getrouwd is of niet. Bovendien draagt de getrouwde man een klein geborduurd tasje op zijn heup. In dat tasje zitten coca bladeren. Die mogen ze alleen kauwen als ze getrouwd zijn. De vrouwen dragen een zwarte sjaal om hun hoofd met daaraan ook weer de gekleurde pompoenen. Als de sjaal openstaat is de vrouw getrouwd. Vrouwen die niet getrouwd zijn, en dus verlegen zijn, lijken meer op moslimvrouwen. De belangrijkste man van het eiland is te herkennen aan de zwarte hoed.

We maken een mooie wandeling over het eiland en hebben lunch op één van de terrasjes. De gids krijgt bij aankomst op het eiland te horen waar hij met zijn groep mag lunchen. Ergens wordt bijgehouden dat iedere eilander evenveel verdient aan toeristen. Het menu schijnt ook overal hetzelfde te zijn; groentesoep, forel (of omelet) met patat en rijst en coca- of muntthee.

Om 14:00 uur moeten we terugvaren naar Puno. In de loop van de dag is de kans groot dat het meer op een zee gaat lijken en de golven dus te hoog worden. Om te voorkomen dat we niet meer terug kunnen, moeten we om 14:00 uur vertrekken. Het eerste stuk merk je inderdaad dat de golven al hoger zijn, maar uiteindelijk blijkt het allemaal mee te vallen. Wel is het behoorlijk koud op het dek van de boot. Als we om 16:30 uur terug zijn in Puno kijken we terug op een geslaagde dag. En op een geslaagde reis door Peru. Dit was ons laatste ´uitje´ in Peru, morgen gaan we de grens over naar Bolivia!

Op het eerste rieteiland
titi_per_1.JPG

En dit is echt het woonhuis van de Uros mensen
titi_per_2.JPG

Een Uros vrouwtje
titi_per_3.JPG

De Uros boot
titi_per_4.JPG

De vrouw met de zwarte sluier met pompoenen op Taquile
titi_per_5.JPG

De muts met de pompoen van een getrouwde man
titi_per_6.JPG

Het tasje voor de cocabalderen van de getrouwde man
titi_per_7.JPG

Een poortje, waarvan je er meerdere hebt op Taquile.
titi_per_8.JPG

Posted by anje 16:23 Archived in Peru Tagged boating Comments (0)

(Entries 26 - 30 of 50) « Page 1 2 3 4 5 [6] 7 8 9 10 »