A Travellerspoint blog

Uitvalsbasis Posada Cienega

2 t/m 3 november

sunny 24 °C

Posada Cienega is een prachtig oud koloniaal gebouw, waar vast heel veel gebeurd is in de afgelopen honderden jaren. We slapen er toch goed, hoewel het er schijnt te spoken…

Omdat Cienega afgelegen ligt en we geen eigen vervoer hebben, regelen we via de portier van de Posada een chauffeur. ´Alex is your driver´, krijgen we te horen.

We beginnen de dag in Sasquili, een dorp waar de indianenmarkt op donderdag erg kleurrijk schijnt te wezen, dus dat moeten we zien. We mogen overigens niet hardop over indianen spreken, want dat vinden de indianen niet leuk. Ze worden liever ´indigenous people´ genoemd, maar wij houden het toch op indianen. Niet verder vertellen graag.

De markt is inderdaad erg kleurrijk, met natuurlijk weer een dierenafdeling, waar nu ook lama´s worden verkocht, honderden groentenstallen, en veel stalletjes met wat er doorgaans nog meer op indianenmarkten wordt verkocht, zoals plastic emmertjes voor naast het toilet.

Het valt op dat er bovendien veel bloemenstalletjes zijn, met prachtige boeketten. Achter de bloemenstallen vinden we de begraafplaats, de bestemming voor de boeketten. Het lijkt wel jaarmarkt op de begraafplaats, met ijsverkoop tussen de graven. Bij elk graf staat een volledige familie, met busjes verf en kwasten, om de graven een soort ´grote beurt´ te geven. We horen later dat het die dag de jaarlijkse ´dag der doden´ was. Ja, dan is het inderdaad logisch dat er ijsjes en suikerspinnen naast het graf van opa indiaan, euh, opa ´indigenous´, worden verkocht.

Op de markt van Sasquili kopen we een fles water van 2 ½ liter. Kunnen we even vooruit.

We vragen de zwijgzame Alex om ons naar de Cotopaxi vulkaan te brengen, een uurtje of twee verder. De Cotopaxi is de bekendste (slapende) vulkaan van Ecuador, omdat hij de perfecte kegelvorm heeft, met een fraai randje sneeuw rond de top. De witte top is zo´n 6000 meter hoog, en is zelfs vanuit Quito te zien.

Het busje van Alex gaat de laatste paar honderd meter van de steile en hobbelige klim steeds meer ruiken. Als we op 4500 meter parkeren, komt er groene smurrie uit de motor, gevolgd door stoom. We hebben niet het ´Wat en hoe in het Spaans´ nodig om te begrijpen wat Alex bedoelt; hij heeft dringend water nodig om ons weer naar beneden te rijden. Maar waar haalt een mens om 4500 meter hoogte zo´n 2 ½ liter water vandaan?

We laten Alex lekker aanrommelen met zijn busje en onze watervoorraad, en we wandelen van 4500 naar 4800 meter hoogte. Hoewel we inmiddels wat geoefend hebben, moeten we toch vaak pauzeren om op adem te komen. We bereiken na een uurtje de hut, waar de sneeuwgrens begint en onze wandeling het hoogste punt bereikt.

Als we weer op de parkeerplaats zijn, is onze watervoorraad op (in overleg), maar brengt het busje ons weer naar Posada Cienega, waar we met Alex afspreken dat we hem (en zijn busje) graag nog een dagje willen inhuren.

Door een prachtig landschap rijden we twee uur lang langs indianendorpjes, waar vrouwen en kinderen de was doen in de rivier, waar lama´s vrolijk rondgrazen, en waar mannen druk zijn met hun indianen-dingetjes. Onderweg krijgen we weer eens een prachtige blik op de Cotopaxi, en op de stomende en ronkende Tungurahua vulkaan, vlakbij Baños, waar we verderop tijdens de reis nog zullen komen.

De bestemming van deze dag is het Quilotoa kratermeer. Op 3800 meter hoogte ligt de rand van een smaragdgroen kratermeer dat zelf op 3400 meter hoogte ligt. Het is er erg mooi, en zelfs wat toeristisch, met hoofdzakelijk lokale toeristen. We zien veel mensen naar beneden lopen, en op ezels weer omhoog komen.

Wij gaan vandaag niet naar beneden, maar beginnen vol goede moed aan de wandeling over de kraterrand. De wandeling gaat, volgens ingewijden, zo´n vijf uur duren. We zien geen enkele andere wandelaar onze richting opgaan. Als we over de kraterrand lopen, met naast ons een afgrond van 400 meter, krijgen we toch wat knikkende knieën. Het wordt pas echt leuk als blijkt dat het pad erg droog is, en we regelmatig uitglijden. We lopen een uur, houden kort crisisberaad, en besluiten dat het voor familie en bekenden beter is dat we omkeren, omdat er anders misschien geen nieuwe verslagen volgen.

En dan nu, het beeldmateriaal...

De ingang van het kerkhof van Sasquisili. Het was bijna dringen om het kerkhof op te mogen.
kerkhof Saquisili1.JPG

Veel mensen op het kerkhof zitten met een belletje te bellen. Wat het betekent weten we niet, maar het was wel erg bijzonder om overal belletjes te horen.
kerkhof Saquisili2.JPG

Op het kerkhof leek het wel feest. Er werden ijsjes en ananas verkocht en iedereen zat samen.
kerkhof Saquisili3.JPG

Eerder hadden we al gemaild dat het eten van cavia hier min of meer een delicatesse is. We hadden al meerdere keren levende kavia´s gezien. Maar zo zien ze er dus uit als ze een tijdje aan het spit rondjes hebben gedraaid.
gebakken kavia.JPG

De klim naar de Cotopaxi was grotendeels in de wolken. Maar hier kun je een klein beetje zien waar we naartoe moeten lopen.
Cotopaxi.JPG

Het kratermeer van Quilotoa was erg indrukwekkend met de mooie groene kleur.
kratermeer Quilotoa.JPG

Tijdens de wandeling die we langs de rand van het kratermeer hebben gelopen zaten 2 moeders de was te doen bij een waterput. De kinderen waren wat aan het spelen, de lama´s stonden er gezellig bij te grazen. Die mogen terug de was weer dragen. Voor onze foto wilde één van de kinderen graag even poseren.
kratermeer Quilotoa 2.JPG

Posted by capibara 18:23 Archived in Ecuador Tagged tourist_sites Comments (0)

Guayaquil / Riobamba

30 oktober t/m 1 november

sunny 25 °C

De avond na Galápagos brengen we door in het business center van ons (zaken)hotel in Guayaquil, de grootste stad van Ecuador. We gaan zo op in het bekijken van onze foto´s van Galápagos dat we pas rond 23:00 bedenken dat het knagende gevoel in de buik misschien honger is.

De volgende ochtend bekijken we een aantal van de weinige highlights van Guayaquil. De Malecon 2000 is een hoogtepunt van moderne architectuur, dat de onveilige promenade heeft vervangen door een flitsende en veilige twee kilometerlange boulevard met diverse parken en een MacDonalds. We lopen de Malecon af en beklimmen in de opgeknapte en geverfde wijk ‘Las Penas´ de 444 treden van de heuvel van Santa Ana, met mooi uitzicht op de stad. Na het gemeentehuis en de klokkentoren rennen we door het leguanenpark waar kinderen een tamme leguaan op de arm kunnen nemen. Wij doen dat niet, want we lopen met gezwinde spoed door de stad omdat we bedacht hebben dat we toch die middag verder reizen, met de bus naar Riobamba.

Het busstation is immens en in de mierenhoop vinden we het loket voor de bus naar Riobamba. De komende vijf uur genieten we van de talenten van de buschauffeur. Over een parkoers dat slingert naar een hoogte van 4000 meter, langs afgronden zonder vangrails, blijkt dat een bus niet onder hoeft te doen voor een personenauto. Sterker nog, we halen zo´n beetje alle personenauto´s in, wat overigens normaal is voor de bussen in Ecuador. Bussen halen elkaar ook in, en dat is natuurlijk het allerleukst (voor de chauffeur).

Met dichtgeknepen billen bereiken we veilig Riobamba, waar we snel ons hotel voor één nacht vinden.

Op 1 november haalt Joel ons om acht uur op bij het hotel. Joel is onze chauffeur voor die dag. Hij brengt ons van Riobamba, naar Chimbarazo, en vervolgens via Guaranda naar Posada Cienega, ons volgende hotel.

Net voor we Riobamba uitrijden stopt Joel, draait hij zijn raam open, en maakt hij een praatje met een amigo. De amigo vraagt om onze namen, en we rijden verder.

Net na negen uur zet Joel de radio harder, en horen we op radio Tricolor, dé radiozender van ´todo Riobamba y omgevingos´, dat Riesjaar Otton en Antjie Hutzmon uit Holanda het mooie Ecuador bezoeken, en met Joel een dagje onderweg zijn.

De slapende Chimbarazo is met 6310 meter de hoogste vulkaan van Ecuador. We lopen van 4800 naar 5000 meter hoogte, wat op zich een kippe(n)eindje zou moeten zijn, maar door het gebrek aan zuurstof bereiken we buiten adem de bestemming.

We treffen het wederom met het weer, want het is bijna de gehele dag zonnig en we krijgen prachtige uitzichten op de vulkaan. We stoppen zo nu en dan voor een paar overstekende lama´s en vicuñas, de wilde zusjes van de lama.

Malecon 2000 in Guayaquil
Gay_Malecon2000.JPG

De wijk Las Peñas op de heuvel van Santa Ana
Gay_St Ana.JPG

Hier staan we aan de rand van een Canyon vlakbij de Chimbarazo
AH RO Canyon.JPG

We hebben geluk, onderweg hebben we al goed uitzicht op de Chimbarazo die vaak in de wolken ligt.
Chimbarazo1.JPG

Op de Chimbarazo op 5000 meter
Chimbarazo2.JPG

Onderweg van de Chimbarazo naar Latacunga kwamen we langs verschillende dorpjes. De lama wordt daar netzo gebruikt als de muilezel.
lama onderweg.JPG

Posted by capibara 18:14 Archived in Ecuador Tagged tourist_sites Comments (0)

Galapagos

23 t/m 30 oktober

sunny 25 °C

Etappe drie van de reis is begonnen. Na een week Bonaire en een week noord Ecuador, vliegen we vanuit Quito via Guayquil naar San Christobal op de Galapagos eilanden, de ´enchanted islands´ en werelderfgoed.

Een stukje info voor iedereen die er nog nooit is geweest. De dertien vulkaaneilanden van de archipel liggen zo afgelegen en waren honderduizenden jaren zo onbewoond, dat de dieren er niet mensenschuw zijn. De oudste eilanden zijn een paar miljoen jaar oud, de jongste een driehonderdduizend jaar.

Bovendien zijn de eilanden bekend omdat Darwin er inspiratie opdeed voor de evolutietheorie. De vinken hebben hun snavels per eiland aangepast aan het aanwezige voedsel; de vink op het ene eiland heeft een spitse snavel omdat er hoofdzakelijk insecten te vinden zijn, terwijl de vink op een ander eiland een snavel heeft als een koevoet omdat er harde noten gekraakt moeten worden. Een vogel met een spitse snavel kan geen harde noten kraken en sterft. Dat heet evolutie, als je in het achterhoofd houdt dat zo´n proces duizenden jaren duurt.

We hebben gedurende zeven dagen een prachtige bootreis gemaakt, met een groep van zestien toeristen, die verdeeld over acht hutten volpension in de watten werden gelegd door een crew van zeven personen en een gids. De Galapagoseilanden zijn een nationaal park, en de rondreizen zijn er nogal aan de prijs waardoor de Ecuadorianen de eianden alleen van plaatjes kennen...

We voeren o.a. langs de eilanden San Cristóbal, Santa Cruz, Floreana, Isabella en Bartolomé, waar we unieke wandelingen en snorkeltochten maakten. Er valt veel te vertelen over de eilanden, maar de foto´s van de honderden niet schuwe zeeleeuwen, blue footed boobies (blauwvoetige Jan van Genten), pingüinos, en giga grote landschildpadden vertellen meer dan in woorden te beschrijven is.

IMG_3597.JPG
IMG_3765.JPG
IMG_3843.JPG
IMG_3844.JPG
IMG_3749.JPG
IMG_3776.JPG
IMG_3786.JPG
IMG_3699.JPG
IMG_3627.JPG
IMG_3601.JPG
IMG_3638.JPG

Posted by anje 17:37 Archived in Ecuador Tagged cruises Comments (0)

Otavalo

19 t/m 21 oktober

sunny 24 °C

Richard zit naast mij het verslag van Quito te maken. Ik zat intussen te mailen, maar daar ben ik klaar mee. Dus neem ik Otavalo weer op mij. We zijn nu namelijk in Otavalo. We zitten in een minder leuk internet café dan in Quito. Bovendien zit ik vlak voor een open deur en wordt het koud; het is 19:10 uur en ´s nachts is het hier best fris (10 graden).

Donderdag zijn we uit Quito vertrokken. De eigenaar van het hotel had de naam van het busstation, voor de bussen naar Otavalo, voor ons op een briefje gezet. Met dat briefje kon de taxi ons voor USD 2,00 naar het station brengen. Hij stopte op de weg naast het station, daar moesten we uitstappen. Wij liepen, met onze tassen, naar het station (trap op). We liepen er wat verloren rond; welke bus moesten we nemen? Volgens de hoteleigenaar konden we kiezen: een goedkope bus die er langer over doet of een wat duurdere bus met wc en die sneller gaat. We zagen door de bomen het bos even niet meer. Maar gelukkig kwam er een vriendelijke meneer van de bewaking op ons afgelopen. In onze beste Spaans (en dat is best al vrij aardig, al vinden we dat waarschijnlijk alleen zelf) hebben we uitgelegd dat we naar Otavalo wilden. We moesten weer terug naar de weg (trap weer af) en daar kwam de bus naar Otavalo. Hij liep mee en hield meteen de eerste de beste bus aan. Binnen 2 minuten zaten we in een bus naar Otavalo. Er zaten nog 2 toeristen in, maar verder was dus bus nog leeg. Dat duurde niet lang. Vanaf dat punt stopte die bus ongeveer om de 500 meter en kwamen er Ecuadorianen aan boord. Vaak mooie mensen in klederdracht. Na ongeveer 30 minuten, we waren nog steeds in Quito, werd de video gestart. Onze oren piepen nog! De volumeknop stond op maximaal en er zat veel ruis op de lijn. Maar de overige pasagiers leken het leuk te vinden. Wij hebben onze eigen koptelefoon met muziek van de i-pod maar op gezet. Maar zelfs dat was moeilijk te verstaan.

Na Quito ging het toch nog vlot. Eenmaal buiten de stad werd er niet veel meer gestopt. Het was een mooie rit door een mooi landschap tussen de vulkanen. Uiteindelijk waren we in ongeveer 2,5 uur in Otavalo. Naar ons idee wel met een goedkope bus, het kostte nl USD 2,00 per persoon.

Otavalo is een leuk stadje omringd met vulkanen, het ligt op 2500 meter hoogte. Het is vooral bekend vanwege de grootste markt van Ecuador. Die markt is elke zaterdag. Maar de natuur is hier ook erg mooi, dus wij wilden meer dan alleen de markt. Donderdagmiddag hadden we bedacht te lopen naar het dichtstbijzijnde meer, Lago Pablo. We waren echter iets te ver gelopen en kwamen automatisch op de weg (een stoffig grintpad) naar het condor park. Ergens hadden we gelezen dat dat 3 km buiten Otavalo was, dus we moesten al dichtbij zijn. Dus hebben we onze bestemming aangepast. Uiteindelijk was het wel zeker 5 km heuvel op lopen, maar het was de moeite waard. Het was zonnig en warm, ondanks de hoogte. Ik had daarom mijn pijpen afgeritst en liep in blote benen. Daar heb ik nu nog spijt van. Op 2500 meter zitten geen muggen, maar wel andere vliegjes. Toen we even stil stonden om een foto te maken, zaten er ineens heel veel kleine vliegjes op mijn benen. Die prikten en meteen had je een klein bultje met bloed. Dat herkenden we van Costa Rica, dus ik wist al dat het veel en lang geen jeuken. En dat is het geval. Ik heb meteen de pijpen weer aangeritst en die zijn er t/m vandaan met meer vanaf gegaan. Het condor park was leuk, condors zijn echt bijzonder grote roofvogels. We kunnen ze hier ook in het echt tegen komen, dus dat zou wel heel special zijn. Het condorpark is van een stichting, maar de directeur bleek een Nederlander. Hij heeft ons veel over het park verteld. Het kost veel geld om het verder op te bouwen. Hij heeft goede sponsors (Postcode Loterij en Van der Valk), maar zelfs dan is het moeilijk. Wel leuk om te zien dat ook ons geld, als trouwe deelnemers van de postcode loterij, op deze manier goed wordt besteed.
Het meer hebben we niet meer van heel dichtbij gezien, maar bij het condor park hadden we prachtig uitzicht op het meer. Onderweg hebben we ook verschillende boertjes op het land gezien. Hier ploegen ze het land door er met een stok in te prikken. Er werken zowel mannen als vrouwen, ondacht het zware werk, vaak ook nog in de zon.

Vrijdag hebben we een prachtige wandeling rond een kratermeer gemaakt, Laguna de Cuicocha. Met een taxi zijn we er naartoe gebracht, dat was ruim een half uur rijden. Het meer lag op 2800 meter. Het was er erg rustig, maar het was ook pas 9:15 uur toen we er waren. Gelukkig kwam er nog een busje met toeristen. Het voelde toch wat ongemakkelijk om er alleen te lopen. Met ´het busje´ in onze kielzog voelde het veilig. Uiteindelijk bleken er ook in omgekeerde richting toeristen ons tegemoet te lopen, die liepen slechts een half rondje (boven afgezet en beneden weer afgehaald). Druk was het zeker niet, het was een prachtig wandeling door de natuur. Je liep over een goed pad om het meer. Daarbij moest je wel veel klimmen, we gingen van 2800 naar 3300 meter. Daardoor hadden we prachtige uitzichten, we konden zelfs de besneeuwde top van de Cotapaxi zien. We hebben het rustig gelopen en bij een van de viewpoints nog een tijdje met een Duitse mevrouw gesproken. Ze reisde alleen, liep deze toch wel pittige wandeling op slippers en gaat zondag naar Colombia. Dat je het even weet...
In ongeveer 5 uur waren we rond. Zoals afgesproken stond onze taxi om 14:30 uur weer netjes op ons te wachten. Ons Spaans is toch echt wel goed! De taxi heeft ons gebracht naar Peguche, een dorp naast Otavalo. Onderweg hebben we nog zijn vrouw en kind (als ons Spaans tenminste echt roed is) opgepikt bij het huis van zijn schoonouders. Daar hebben we nog even leer naar de cavia´s mogen kijken.
In Peguche zijn we naar een waterval geweest en vandaar zijn we terug gelopen naar Otavalo. In Otavalo kwamen we Liselotte (van Viva, voor de kenners) en Jeroen tegen. We wisten dat die mogelijkheid er was, het is leuk dat je elkaar dan ook ziet.

De zaterdagmarkt was erg leuk. We waren er om 7:00 uur in de ochtend. Op dat moment zijn er nauwelijks toeristen, maar wel alweer Liselotte en Jeroen en wij natuurlijk. De markt bestaat uit een voedselmarkt, groente en fruit, kleden e.d. maar ook dieren. De dierenmarkt bestaat voornamelijk uit heel veel varkens, koeien en een paar paarden en schapen. Wel bijzonder.

Om 10:30 hebben we een taxi naar Mojanda genomen, dat ligt op 3600 meter. Daar liggen 3 meren en daar kun je prachtig wandelen. Dat hebben we dan ook gedaan. Het was er erg verlaten, maar dat maakte het ook erg mooi. We kwamen er nog 3 cowboys op paarden tegen. We schrokken er even van, ze kwamen ineens om de hoek. Maar ze waren erg vriendelijk. Verder nog een paar toeristen gezien. We hebben ongeveer 3 uur gelopen, de taxi heeft netjes op ons gewacht. Het was voor hem te ver (40 minuten) om terug te gaan. ´s Middags hebben we ook even tijd gehad om niks te doen. Ook best lekker. Even op ons eigen zonneterras voor onze kamer. We hebben nl een erg leuke kamer bij Doña Esther! Morgen gaan we terug naar Quito en overmorgen naar Galapagos. Weer iets om naar uit te kijken.

ninas.jpg
cowboys.jpg
DPSCamera_0260.JPG
DPSCamera_0268.JPG
DPSCamera_0277.JPG
DPSCamera_0282.JPG
DPSCamera_0238.JPG

Posted by anje 17:49 Archived in Ecuador Tagged tourist_sites Comments (0)

Koloniaal Quito

18 oktober

sunny 22 °C

Omdat Quito niet in alle opzichten of wijken even veilig is, vragen we bij aankomst aan de hotelreceptionist of het veilig is, zeker in de toeristenwijk ¨Mariscal¨, waar wij slapen. Hij antwoordt dat het meevalt, wat ons voldoende vertrouwen geeft om zonder kogelvrije vesten de straat op te gaan om wat te gaan eten. Het valt inderdaad mee; om de hoek zitten tientallen restaurants, en er lopen veel mensen op straat. We zien café´s die in Amsterdam of New York niet zouden misstaan, zo modern. We zijn de enigen met bergwandelschoenen en een afritsbroek aan.

De volgende dag maken we het reguliere toeristenrondje lang de diverse bezienswaardigheden, zoals Casa de Cultura, met een heel mooi en leerzaam archeologisch museum, waar we leren dat Ecuador al wat langer bestaat en er zelfs Canari´s hebben gewoond. Ook leren we hoe men zo´n duizend jaar geleden gouden sieraden maakte. Best knap dat men dat kon, zonder dat men de gebruiksaanwijzing kon Google-en.

Rond 1400 na Christus werden de diverse volkeren in Ecuador vanuit het huidige Peru onder de voet gelopen door de Inca´s die gedurende een eeuw zo´n beetje het grootstse wereldrijk uit de geschiedenis bij elkaar veroverden, waar we over een paar weken in Peru waarschijnlijk nog wel meer over zullen leren. De miljoenen Indianen, van Inca- of andere origine werden uiteindelijk rond 1500 n.Chr. op wonderbaarlijke wijze door een paar honderd Spanjaarden overmeesterd. Het blijft een raadsel hoe dat mogelijk was, maar er gaan geruchten dat de Inca´s onwel werden van de knoflookadem van de Spanjaarden. De gouden sieraden die de Spanjaarden in Zuid-Amerika vonden, werden overigens met het nodige geweld weggeroofd en naar Spanje verscheept om te worden omgesmolten. De Inca´s c.q. indianen werden niet verscheept maar gechristend.

Na deze geschiedenisles lopen we door het oude centrum van Quito, wat heel toepasselijk ´Centro Historico´ heet. We zien prachtige koloniale pleinen waar de Spaanse invloed zichtbaar is. Het gehele centrum is werelderfgoed, een erkend monument dus. De gebouwen moeten van de Verenigde Naties op gezette tijden een kwastje krijgen en er moeten informatiebordjes bij de gebouwen staan.

Buiten het centrum ligt El Panifico, een heuvel met mooi uitzicht op de stad. Omdat de Lonely Planet (onze reisadviseur) erg stellig is met de opmerking dat het niet zo verstandig is om de heuvel op te lopen, in verband met mogelijke berovingen…., nemen we de taxi naar boven. Vanaf de heuvel, en vanaf het platform rond het beeld van de heilige Maria, overzien we het grote Quito, dat zich met de koloniale gebouwen, betonnen huisjes en hoge kantoorgebouwen, uitstrekt over de flanken van diverse vulkanen.

Tegen het einde van de middag hebben we voldoende historie in ons opgenomen en hebben we nog tijd over om naar het Centrum van de Wereld te gaan. De evenaar loopt over Ecuador heen, en in ¨Mitad del Mundo¨ wordt het middelpunt van de aarde met een monument (en soort pretpark) vereerd. Het komt wat geforceerd over, maar het blijkt uiteindelijk toch erg leuk om langs de getrokken lijn te lopen die de evenaar voorstelt, waarbij we met één been (per persoon) in het Zuiden en één been in het Noorden staan. Ja, het is zelfs leuk om hetzelfde spelletje te doen met Oost en West.

We eten authentiek bij Mama Korinda, waar we toch op safe gaan, en de gebakken cavia nog even voor ons uit schuiven. Over cavia´s gesproken; het is dé lokale specialiteit in Ecuador en Peru. We hebben inmiddels bij een taxichauffeur thuis en achterin een supermarktje diverse levende exemplaren gezien die (in dode vorm), met knoflook en paprika, prima schijnen te smaken.

Nog wat wetenswaardigheden; in Ecuador betaalt men sinds 2000 met Amerikaanse Dollars, overdag is het momenteel zo´n 22 graden en zonnig, s nachts is het tussen de 5,8 en 10 graden (en overwegend niet zonnig), poepen doet men op een normale zittoilet (niet zo´n Franse hurk), en het toiletpapier mag niet in de toilet worden gegooid, maar moet in het rode of witte plastic emmertje naast de toilet worden gegooid. Het emmertje heeft meestel een deksel dat alleen met de hand kan worden geopend en moet worden opengehouden, waarna met de andere hand het gebruikte papier tussen het reeds aanwezige gebruikte papier moet worden opgeborgen, zonder het eigen of reeds aanwezige gebruikte papier aan te raken. Het vereist wat oefening, want het lastige is dat er geen hand over is om de neus dicht te houden of om voor de ogen te houden.

Na Quito gaan we verder naar Otavalo, waar de dames niet in jeans lopen, maar in authentieke kleding (authentiek voor Ecuador, want jeans zijn ook authentiek, maar dat is ergens anders).

Beelden van het oude centrum van Quito en van het uitzicht vanaf El Panifico.
Quito_1.jpg
Quito_2.jpg
Quito_3.jpg
Quito_4.jpg
Quito_5.jpg

Het voelt wat vreemd; lopen op de evenaar.
Quito_6.jpg

Eén voet noord en éen voet zuid is gemakkelijker.
DPSCamera_0203.JPG

Posted by capibara 17:31 Archived in Ecuador Tagged tourist_sites Comments (0)

(Entries 41 - 45 of 50) « Page .. 4 5 6 7 8 [9] 10 »