A Travellerspoint blog

Chile

Van Santiago naar Lajas (met huurauto)

28 december en 29 december

sunny 20 °C

De huurauto staat netjes klaar bij Alamo in Santiago, voor onze achtdaagse tocht door midden Chili. Het is een echte Chevrolet; een Chevrolet Corsa, met tientallen krasjes, met missende onderdelen aan de buitenkant, maar zonder wegenkaart. Met wat geweld krijgen we onze twee tassen in de kofferbak, waarna de hoedenplank helaas het zicht door de buitenspiegel zwaar hindert. Ach, we toeteren gewoon bij elke kruising, dat zijn ze hier wel gewend.

De eerste etappe voert ons vanuit Santiago zuidwaarts over de Panamericana, de snelweg die ons bochtenloos en over vlak terrein richting Patagonie leidt. Honderd kilometer westelijk ligt de oceaan, honderd kilometer oostelijk de witte toppen van de Andes.

De eerste honderden kilometers rijden we langs wijngaarden, vergezeld door grote reclameborden van de diverse Chileense wijnhuizen. We beperken ons bezoek aan het wijngebied, ter hoogte van Santa Cruz, tot een heerlijke lunch in Panpanvinovino. Het restaurant bevindt zich in een oude gerenoveerde bakkerij, en blijkt, volgens de diverse krantenartikelen bij de baños (wc), een van de toprestaurants uit de omgeving. We breiden onze lunch daarom uit met een Cabernet Sauvignon de la Casa, die een mooie ronde smaak heeft, met tinten van chocolade en vanille, volgens het etiket.

We rijden vervolgens door naar het koloniale stadje Talca, waar we eigenlijk hadden bedacht om te slapen, maar waar we besluiten om toch nog maar een stukje door te rijden. Uiteindelijk rijden we `s avonds nog steeds over de Panamericana, en hebben we, zonder wegenkaart, geen idee waar er een hotel te vinden is. Omdat het wat krap slaapt in een Corsa, nemen we een afslag die ons naar een meertje dertig kilometer verderop moet brengen. Daar zijn vast wel hotels. Vlakbij het meertje staan inderdaad borden van een hotel, dus volgen we de richting die op het bord staat. Het asfalt wordt echter steeds slechter, waarna er al snel geen asfalt meer is. Het blijkt een onverharde weg. We hobbelen een tijdje door. Met de duisternis aan de horizon, krijgen we visioenen van twee toeristen die in het donker een band staan te vervangen, met de dichtstbijzijnde praatpaal zo´n veertig kilometer verderop.

We besluiten om te keren. Om een lang verhaal kort te maken; uiteindelijk vinden we een hotel in de buurt van het meertje, langs de wel verharde weg.

Op de tweede dag keren we terug naar de Panamericana, bezoeken we kort het koloniale stadje Chillan, en zijn we zo slim om wat vroeger op de dag een hotel te zoeken. Op goed geluk slaan we af bij Saltos de Lajas, waar we een prachtig hotel vinden. Vanaf het terras van onze kamer hebben we uitzicht op de tientallen meters brede waterval van Lajas. Het is er prachtig, en ´s avonds liggen we in bed met op de achtergrond het gebulder van het vallende water.

Posted by capibara 12:37 Archived in Chile Tagged tourist_sites Comments (0)

Kerst op Paaseiland

23 dec t/m 27 dec 2007

sunny 25 °C

Paaseiland of Rapa Nui is erg mooi! Zo mooi dat we best nog wat langer hadden willen blijven. Maar dat kon niet meer.

Dat het kerst was op Paaseiland hebben wij niet echt gemerkt, behalve op de avond voor kerst. De meeste, of eigenlijk alle, restaurants waren op deze avond gesloten. Het enige restaurant dat open was, serveerde een kerstmenu. Gelukkig was dat een prima menu op een leuk terras met uitzicht op zee. Wat wil je nog meer…?

"Rapa Nui" is de Polynesische naam voor Paaseiland. Letterlijk betekent Rapa Nui ´de Grote Rots´. Paaseiland ligt op ongeveer 3700 km vanaf de kust van Chili (5 uur vliegen) en is vooral bekend vanwege de grote stenen beelden; de Moai. Er hebben ooit ongeveer 900 moai gestaan. Al direct na aankomst op het eiland, zagen we diverse beelden. Wij slapen in Hanga Roa, het enige dorp op het eiland, en daar staan al meteen een aantal prachtige beelden langs de kust. Opvallend is al meteen dat sommige beelden een zogenaamde tot-knot hebben; een stenen hoed van een paar 100 kilo. Die hoed heeft een rode kleur en werd pas als het beeld op de bestemming stond, op het hoofd geplaatst, zo leerden we later in het museum. Die hoed werd ook op een andere plaats uit een steengroeve gehouwen dan de beelden.

Het eiland is niet zo groot; ongeveer 165 vierkante kilometer. Dat betekent dat je op de fiets al een groot deel van het eiland kunt zien. En daarom hebben wij onze eerste dag op Paaseiland twee fietsen gehuurd. Voor ons, als echte fietsers, toch een leuke manier om kerst te vieren. Via een mooie weg langs de kust, die toch eigenlijk iets meer op en af ging dan de verhuurder ons deed vermoeden, zijn we naar de vulkaan Rano Raraku gefietst. Onderweg zien we al verschilllende moai, die eigenlijk allemaal indrukwekkend zijn. Vooral als er ook nog eens meerdere op een rij staan. De moai zijn allemaal uit de vulkaan Rano Raraku gehouwen. Nu zijn er op de vulkaan nog steeds 394 beelden zichtbaar, waarvan de grootste rechtopstaande tien meter hoog is. Om onbekende redenen is men blijkbaar plotseling gestopt met het maken van de beelden. Er liggen namelijk nog steeds honderden niet afgewerkte beelden in de steengroeve. Het grootste beeld is maar liefst twintig meter lang (gebouw van zeven verdiepingen), maar zal nooit overeind komen.

Maar de vulkaan is niet alleen mooi vanwege de beelden. Op de top is ook een prachtig kratermeer, waar je ook nog eens kunt genieten van een geweldig uitzicht over het eiland.

Na de vulkaan fietsen we een stukje onverhard. Uiteindelijk komen we bij een prachtig wit strandje; Ana Kena. Zo hebben we toch nog een beetje een witte kerst. Ook op het strand staan prachtige beelden, in dit geval letterlijk tussen de palmbomen. Terug nemen we de hoofdweg over het eiland, waarbij we nu toch een behoorlijk klim moeten trotseren.

Omdat we hebben bedacht dat we op het eiland geen auto gaan huren, en we natuurlijk wel het hele eiland willen zien, gebruiken onze benen. De tweede dag lopen we naar de vulkaan Ranau Kau. Ook deze vulkaan heeft een prachtig kratermeer, eigenlijk zelfs nog mooier. Het lijkt alsof het azuurblauwe water vol zit met allemaal kleine eilandjes. Op deze vulkaan bevindt zich ook ceremoniele dorpje Orongo. Vroeger werden hier diverse rituelen uitgevoerd. Nu kun je nog de resten van het dorpje bekijken.

Op dag 3 lopen we vanuit ons hotel naar Ahu Akivi, dit zijn 7 beelden naast elkaar, gelegen in ´het binnenland´. De wandeling ernaartoe is langer dan we dachten (2 uur), maar we worden wel beloond met prachtige beelden. Terug lopen we langs de kust, eveneens een mooie route. ´s Middags gaan we nog een keer (maar nu met een taxi) naar het strandje van Ana Kena.

De laatste ochtend brengen we nog een bezoek aan het museum. Het is een klein museum, maar het geeft erg veel informatie over het eiland en de beelden. Over de beelden lezen we o.a. het volgende (citaat van Wikipedia):

Er is veel onzekerheid over het hoe en waarom van deze beelden. De meest geaccepteerde theorie stelt dat de Polynesische eilandbewoners, die het eiland koloniseerden, de constructie aanvingen omstreeks 1000-1100 na Chr. De beelden zouden overleden familieleden kunnen voorstellen, of nog in leven zijnde stamhoofden. De beelden vergden bijzonder veel inspanningen om te houwen, zodat wordt aangenomen dat de beeldhouwers een hoge sociale status hadden. Het is niet bekend hoe de beelden uiteindelijk naar hun definitieve plaats werden gebracht; men veronderstelt met spierkracht, touwen en ronde balken. Een andere theorie zegt dat de beelden ook rechtopstaand vooruit "gewaggeld" werden.

De bewoners van Paaseiland zijn Polynesisch.

Paaseiland_6.JPG

Om een beeld te krijgen van de beelden:

Paaseiland_1.JPG

Paaseiland_2.JPG

Paaseiland_3.JPG

Paaseiland_5.JPG

Tijdens onze wandelingen zagen we regelmatig 'wilde' paarden.
Paaseiland_4.JPG

Het kratermeer op de vulkaan Ranau Kau.
Paaseiland_7.JPG

Posted by anje 16:04 Archived in Chile Tagged tourist_sites Comments (0)

Santiago de Chile (& Viña del Mar / Valparaíso)

18 december t/m 23 december

sunny 28 °C

We vliegen van Arica naar Santiago de Chile, en gedurende de ruim tweeduizend kilometer verandert er bijna niets op de grond. Vanuit ons raampje zien we de kust met daarachter de woestijnachtige droge okerkleurige aarde, die slechts onderbroken wordt door twee steden, waar we een tussenlanding maken. De woestijn is overigens wel een belangrijke reden van de rijkdom van Chili, want de grootste kopermijnen ter wereld bevinden zich in de Chileense woestijn. Verderop zien we diverse besneeuwde toppen van de Andes.

Zo´n honderd kilometer voor Santiago verandert het landschap; er verschijnen rivieren waar wél water doorheen stroomt, en het landschap wordt zo dat het bijna zeer doet aan onze ogen, die al dat groen niet meer gewend zijn.

Santiago blijkt een erg grote en zeer drukke stad, met honderden taxi´s en bussen die met honderd per uur over de Alameda rijden, de belangrijkste boulevard van de stad. In de stad staat een aantal oude koloniale gebouwen, maar nog veel meer hoge glazen kantoorgebouwen. In de afgelopen jaren is er driftig bijgebouwd, maar wel met beleid en goede architecten. Onder de stad liggen vijf metrolijnen.

Middenin de stad ligt een prachtige groene heuvel, de Cerro Christóbal, die driehonderd meter hoger is dan het centrum. Met twee gondelliftjes bereiken we de top, waar een spierwit metershoog beeld van de Onbevlekte Maria haar zegen aan Santiago geeft, en waar Pavarotti ons via de luidsprekers toezingt over een Tannenbaum, gevolgd door het Ave Maria. Het uitzicht vanaf de Cerro is magnifiek.

Op onze eerste avond in de stad eten we traditioneel Chileens; Indiaase kip Korma met Basmati rijst, afgesloten met een capuchino op het terras voor ons hotel in de Paris Londre wijk.

Vanuit Santiago gaan we een dag en nacht naar Viña del Mar, honderd kilometer verderop en het Scheveningen van de streek. Het is een mooie en nette badplaats. Het is wel vervelend dat Anje na een verkeerd ijsje of blaadje sla kotsmisselijk is, en daardoor wat minder kan genieten van Viña del Mar. We brengen daarom de middag op het mooie strand door.

De volgende ochtend gaan we met de tram van Viña naar Valparaïso, het Rotterdam van de streek, hoewel de haven voor de aanleg van het Panamakanaal een stuk groter was. Nu ligt er slechts één cruisschip en aan paar containerschepen. De straten en huizen van Valparaïso liggen verspreid over een twintigtal heuvels, die vanaf het centrum met liftjes bereikt kunnen worden. De oudste huizen zijn van hout met mooie geschilderde muren in pastelblauw, pastelrood, pastelgroen en pastelgeel.

Terug in Santiago is het Chileense publiek driftig aan het winkelen geslagen, en moeten we behoorlijk slalommen om de diverse bezienswaardigheden te bereiken, zoals La Moneda, het witte parlementsgebouw, dat tijdens de coup van 1973 door het leger is gebombardeerd.

Het museum van de pre-Colombiaanse kunst is erg fraai. Het geeft een compleet overzicht van de geschiedenis van alle volkeren die Zuid-Amerika bewoonden voor de Spanjaarden binnenvielen. Er staan prachtig gave beelden, potten en pannen van de Inca´s, Maya´s, Azteken, Tiwaneken, en alle mogelijke andere teken.

Het museum van Pablo Neruda, winnaar van de Nobelprijs voor literatuur en gestorven tijdens de coup, en het museum ter nagedachtenis aan Allende, moeten we helaas aan ons voorbij laten gaan. We staan op vrijdagmiddag 22 december voor gesloten deuren, met op de deuren een briefje dat het personeel het jaarlijkse kerstuitje houdt. We schrijven eronder of ze het uitje de volgende keer misschien met Pasen kunnen houden.

Posted by capibara 16:24 Archived in Chile Tagged tourist_sites Comments (0)

Arica en Lauca National Park

14 t/m 18 december

semi-overcast

Vanuit San Pedro de Atacama nemen we de nachtbus naar Arica. Op zich een goede bus, maar we hebben pech met de plek in de bus. We zitten namelijk direct naast de toilet, een chemisch toilet. Telkens als er iemand gaat en ook doorspoelt, stinkt die toilet ongeveer 10 minuten lang heel erg. Als je bedenkt dat mensen de hele nacht door naar de wc gingen, begrijp je waarschijnlijk wel dat het geen pretje was.

Maar goed, we overleven de busrit. Om 7:30 uur zijn we in Arica, een grensstad aan de kust van Noord Chili. We hebben een leuk hotelletje bij Marie Jeane, een Franse mevrouw en haar Chileense man David. Beiden zijn ze zeer vriendelijk. In Arica doen we niet zoveel. We bezoeken de haven, waar we vooral heel veel pelikanen en zeeleeuwen zien. Vervolgens gaan we naar het Laucho strand; een lekker rustig strand, waar we van het mooie weer genieten.

De volgende dag huren we in Arica een auto voor 2 dagen. Via de Lluta vallei rijden we die dag in 170 km vanaf zeeniveau naar een hoogte van 4500 meter. Aangezien we pas nog op hoogte waren, durven we het aan om dit in één dag te rijden. We bezoeken het Lauca National Park, met als (letterlijke) hoogtepunt het Chungara meer.

Onderweg maken we een paar korte stops. De eerste stop is bij de zogenaamde candelabrus cactussen; cactussen in de vorm van kandelaars. Vervolgens stoppen we nog bij een paar uitzichtpunten. De mooiste tussenstop is bij een aantal rotsen waar veel viscacha´s zitten; een soort konijnen maar dan met een lange staart. Na de lunch in Putre rijden we de laatste etappe naar het meer. Nu pas zijn we echt in het Lauca Park. De omgeving wordt dan ook steeds mooier met de typische altiplano-steppelandschappen met blauwe meren en besneeuwde vulkanen. Ook zien we steeds meer lama’s, alpaca’s, vicuña´s en zogenaamde Andes ganzen.

We zijn net voordat het gaat regenen bij het Chungara meer en hebben zelfs het geluk dat de zon er nog even op schijnt. Het meer is het hoogst gelegen kratermeer (4570 m) ter wereld. Boven het meer uit prijken de toppen van de tweelingvulkanen Pomerape en Parinacota. Het is een plaatje.

Op de terugweg brengen we nog een bezoek aan Parinacota, een klein traditoneel dorpje hoog in de Andes. Er wonen daar nauwelijks mensen, volgens ons boek leven er 3 families permanent. De overige bewoners schijnen alleen voor ceremonies naar het dorp te komen. Dat is ook niet zo gek, het is er nl behoorlijk koud. Er staat een leuk 17de-eeuws koloniaal kerkje. We lopen een rondje door het dorp. Tenslotte rijden we terug tot aan Putre. We slapen die nacht in Putre, een dorp op 3500 meter hoogte.

De volgende ochtend maken we in Putre nog een mooie wandeling waarna we terugrijden naar Arica. Dit keer stoppen we nog bij de geogliefen. Het zijn tekeningen in de rotsen. Het is vaak niet bekend wat het daadwerkelijk voorstelt. Het vermoeden bestaat dat ze al vanaf het begin van de jaartelling bestaan.

Die middag brengen we nog een kort bezoek aan de Azapa vallei waar we naar het archeologisch museum gaan. Dit museum bevat de oudste mummie die in Zuid Amerika gevonden is, 7000 jaar geleden. De vallei bevat vooral heel veel olijfbomen.

Onze laatste dag in Arica bestaat voornamelijk uit een bezoek aan het strand. Maar we beginnen de dag met een klim naar de top van de Morro de Arica, een steile en lange heuvel, 139 meter boven zeeniveau. Arica behoorde tot 1880 tot Peru. Vanaf de top hebben we een mooi uitzicht op Arica en op de zee.

Posted by anje 18:23 Archived in Chile Tagged tourist_sites Comments (0)

San Pedro de Atacama

11 december t/m 13 december

sunny 28 °C
View Zuid-Amerika on capibara's travel map.

Niet alleen het wél aanwezige asfalt is anders dan de onverharde wegen die we in Bolivia gewend waren, maar ook de armoede blijkt ineens verdwenen. Bolivia is het armste land van Zuid-Amerika, en Chili is zo´n beetje het rijkste land, wat we zien aan de personenauto´s die de mensen hier kunnen rijden, vaak 4WD´s, maar ook aan de kwaliteit van de huizen; het ziet er allemaal veel welvarender uit. Ook de prijzen liggen een factor vier hoger, wat we merkten toen we een hotel reserveerden.

Zoals in het vorige verslag vermeld, is San Pedro de Atacama een oase in de Atacamawoestijn, de droogste plek ter wereld. Aangezien we in Bolivia al de grootste zoutvlakte hebben gezien, brengen we geen bezoek aan Atacamawoestijn, na navraag over het verschil met wat we al gezien hebben.

Het dorpje is overigens erg populair bij globetrotters vanuit de hele wereld. Er lopen veel rugzakkende hippies door de smalle straatjes van het erg prettige San Pedro. De huizen, winkels en restaurants hebben allemaal één verdieping, en de muren zijn gemaakt van adobe, een soort cement van rode woestijnklei.

Tijdens de eerste middag in San Pedro bezoeken we de Valley of the Moon, een grote kloof die miljoenen jaren geleden is ontstaan in de woestijn. Vanaf de rand van de Valley of the Moon zien we (samen met honderden andere toeristen) de zon achter de toppen van de Andes zakken. Nadat de zon is gezakt, krijgen de maanvallei en de bergtoppen prachtige kleuren. De avonden worden inmiddels wel steeds langer, want onze zon ging zojuist om tien over acht onder.

Hoewel we om vier uur zijn opgestaan, na de frisse start in Bolivia, plannen we toch ook nog een avondprogramma. De Atacamawoestijn is namelijk de plek waar de sterrenhemel het meest helder is, en hoog in de bergen is in de jaren negentig de grootste radiotelescoop ter wereld geplaatst. Die radiotelescoop is niet te bezoeken, maar wel een eenvoudiger versie.

Om elf uur ´s avonds rijden we met een busje naar een plek buiten San Pedro, en treffen we daar een geëmigreerde Franse astronoom aan, die samen met zijn vrouw, dolenthousiast, een aantal sterrenkijkers heeft neergezet. We krijgen in kaarslicht een leerzame, en bijna spirituele, toelichting over het heelal (de zon blijkt toch niet om de aarde heen te draaien, en op het Zuidelijke halfrond ziet men doorgaans andere sterren dan wij in het Noorden). Ook legt onze astronoom uit dat een astronoom zeker geen astroloog is. Horoscopen blijken toch geen exacte wetenschap te zijn.

Tot vroeg in de nacht mogen we ombeurten door de telescopen kijken, en zien we dat de fonkelende sterren die we met het blote oog zien, met de sterrenkijkers ineens uit duizenden sterren bestaan. Rond half twee ´s nachts verschijnt er een ander object aan het firmament. Nee, het fonkelt niet, dus het kan geen ster zijn. Na een tijdje zien we een rondje, met daaromheen een aantal cirkels. Na verloop van tijd wordt het beeld steeds beter, en zien we dat het Saturnus is, met zijn (of haar) ringen. Het is een erg mooi gezicht.

Tijdens de tweede dag in San Pedro horen we dat er relletjes zijn geweest in Santiago. Omdat we niet altijd het nieuws bij de hand hebben, begrijpen we pas later, na een mailtje van moeder Otten, dat Pinochet is overleden. In San Pedro is er niets van te merken, en de jonge Chilenen gaan gewoon verder met jong zijn en modern worden. We lezen nog even de geschiedenis van Chili na, en moeten vasstellen dat Pinochet op geen enkele wijze heeft bijgedragen aan het welvarende Chili waar wij doorheen reizen. Pinochet kwam aan de macht in 1973, na een militaire coup die de toenmalige socialistische president Allende het leven kostte, waarover later meer als we in Santiago zijn. In de jaren van dictatuur onder Pinochet zijn tienduizende Chilenen om het leven gekomen, en is de economie steeds verder afgegleden tot een absoluut dieptepunt met torenhoge werkeloosheid en grote armoede, tot Pinochet in 1988 na verkiezingen het hazenpad mocht kiezen. De huidige economische kracht van Chili werd pas ná Pinochet een feit, onder de latere democratisch gekozen presidenten.

Maar nu terzake... Wij huren gewoon een fiets op de dag dat Pinochet begraven wordt, en we fietsen ´s morgens langs een riviertje naar Pukara Quitor, een oude pre-Inca nederzetting, van een paar honderd jaar na Christus, zo´n tien kilometer buiten San Pedro. De oude nederzetting ligt er verlaten bij. Het is natuurlijk geen Machu Picchu, maar leuk is het wel om als enige bezoekers door dit stukje Zuid-Amerikaanse historie te lopen. Vanaf de Pukara, die op een heuvel ligt, zien we San Pedro liggen.

´s Middags fietsen we de grens over, en vinden we, in niemandsland, op de flanken van de Andes, een oase waar een zwembad is aangelegd. Het is er prettig vertoeven.

Op onze derde dag in San Pedro bezoeken we eerst het historisch museum, met een paar mummy´s, en weer veel keramiek en andere historische zaken. Het museum is best mooi, maar we verliezen inmiddels wel de concentratie bij het zoveelste overzicht van de lokale Zuid-Amerikaanse geschiedenis. Bovendien worden de mummy´s er ook niet mooier op.

De aandacht verslapt dus een beetje in het museum, waardoor we in een kwartier rond zijn, en ons richten op een ander belangrijk onderdeel van onze reis; de planning. Het lijkt in dit verslag misschien alsof alle hotels automatisch hun deuren voor ons openen, en ons vanzelf op de gastenlijst hebben gezet, maar daar gaan de nodige planningsuren en belacties aan vooraf. Totnogtoe konden we het risico wel nemen om een dag vantevoren te bellen of er ergens een bed was, maar voor de komende maanden moeten we eerder gaan plannen, omdat de Chilenen en Argentijnen zelf ook vakantie krijgen in Januari en Februari. We brengen daarom de rest van de dag door met onze neuzen in de reisboeken, achter een Internet-pc, of met een hoorn aan het oor. Het resultaat is te vinden in de komende verslagen.

San Pedro is een leuk dorpje.
SanPedro_5.jpg
SanPedro_6.jpg

Zo schijnt de maan er dus ongeveer uit te zien.
SanPedro_1.jpg
SanPedro_2.jpg
SanPedro_7.jpg

Het is wel heel bijzonder om Saturnus te kunnen zien.
SanPedro_8.jpg

Ons fietstochtje op de dag dat Pinochet begraven wordt.
SanPedro_2A.jpg
SanPedro_4.jpg

Pukara Quitor
SanPedro_3.jpg

Posted by capibara 17:37 Archived in Chile Tagged tourist_sites Comments (0)

(Entries 6 - 10 of 10) Previous « Page 1 [2]